Karetariërs aller landen

Er ligt een oneindige zee aan onze voeten. Als je de kaart van de Middellandse zee niet zou kennen zou je inderdaad denken dat er geen eind aan komt. Maar het is een binnenzee, met een klein poortje naar de Atlantische Oceaan. Ik heb wel eens gelezen dat de Middellandse zee er tachtig jaar over doet om helemaal te verversen. Toch heb ik de indruk dat hij schoon is. Er wonen zelfs zeeschildpadden, die ook dit jaar weer een nest bij Koroni op het strand hebben gemaakt. Volgens het schoolbord bij de kiosk in de haven zouden er dit jaar zelfs 58 nesten rondom Koroni te vinden zijn.

Karetaredder Achtenvijftig nesten. Werk aan de winkel voor de grote groep natuurliefhebbers van over de hele wereld die hier jaarlijks met hun kwastjes en schepjes in de weer gaan. Natuurverbeteraars  aller landen verenigt u. Schildpaddenredders from all over the world, come to Koroni. Waar zou het met Moeder Aarde naartoe gaan als zij niet met hun penseeltjes het zand uit de pas geopende oogjes van weerloze zeeschildpadjes zouden frummelen? Wat zou er van de natuur overblijven als deze bevlogen en gepassioneerde mensen die Iets Voor Deze Wereld Willen Betekenen niet hun rieten matjes rondom een nestje zouden zetten en dagelijks zouden controleren of er al een eitje op doorbreken staat? Hoe snel zou de wereld vergaan als deze Van Liefde Overstromende Goedertierenheden niet elke week zouden vergaderen over de taakverdeling op het strand? Verwoest zou zij worden, onze Moeder Aarde, overgeleverd aan het leger der slechteriken die niet omkijken naar hulpbehoevende kareta-kareta’s. Woestelingen die met hun nazi-laarzen zonder pardon de tere eitjes van deze edele zeedieren zouden vertrappen. De wereld zou één grote afvalput worden, vol eierscherven en platgetrapte lijkjes. Zo zou het zijn als onze Engelen met Goddelijk Geduld niet naar het strand van Koroni zouden afreizen om zich in het bijzijn van bewonderende badgasten van hun edele taak te kwijten. Op onze blote knietjes (voorzichtig! Niet op de eieren!) moeten we deze Opofferingsgezindheden bedanken. Acht-en-vijftig nesten, mensen! Achtenvijftig beloftes voor een Betere Wereld! Waar zou de natuur zijn zonder de mens? Dank dank dank voor het redden van de aarde.  Amen.

Karetaredder2 Karetaredder4

augustus 19, 2011
By on 22:15
Karetariërs aller landen

Er ligt een oneindige zee aan onze voeten. Als je de kaart van de Middellandse zee niet zou kennen zou je inderdaad denken dat er geen eind aan komt. Maar het is een binnenzee, met een klein poortje naar de Atlantische Oceaan. Ik heb wel eens gelezen dat de Middellandse zee er tachtig jaar over doet om helemaal te verversen. Toch heb ik de indruk dat hij schoon is. Er wonen zelfs zeeschildpadden, die ook dit jaar weer een nest bij Koroni op het strand hebben gemaakt. Volgens het schoolbord bij de kiosk in de haven zouden er dit jaar zelfs 58 nesten rondom Koroni te vinden zijn.

Karetaredder Achtenvijftig nesten. Werk aan de winkel voor de grote groep natuurliefhebbers van over de hele wereld die hier jaarlijks met hun kwastjes en schepjes in de weer gaan. Natuurverbeteraars  aller landen verenigt u. Schildpaddenredders from all over the world, come to Koroni. Waar zou het met Moeder Aarde naartoe gaan als zij niet met hun penseeltjes het zand uit de pas geopende oogjes van weerloze zeeschildpadjes zouden frummelen? Wat zou er van de natuur overblijven als deze bevlogen en gepassioneerde mensen die Iets Voor Deze Wereld Willen Betekenen niet hun rieten matjes rondom een nestje zouden zetten en dagelijks zouden controleren of er al een eitje op doorbreken staat? Hoe snel zou de wereld vergaan als deze Van Liefde Overstromende Goedertierenheden niet elke week zouden vergaderen over de taakverdeling op het strand? Verwoest zou zij worden, onze Moeder Aarde, overgeleverd aan het leger der slechteriken die niet omkijken naar hulpbehoevende kareta-kareta’s. Woestelingen die met hun nazi-laarzen zonder pardon de tere eitjes van deze edele zeedieren zouden vertrappen. De wereld zou één grote afvalput worden, vol eierscherven en platgetrapte lijkjes. Zo zou het zijn als onze Engelen met Goddelijk Geduld niet naar het strand van Koroni zouden afreizen om zich in het bijzijn van bewonderende badgasten van hun edele taak te kwijten. Op onze blote knietjes (voorzichtig! Niet op de eieren!) moeten we deze Opofferingsgezindheden bedanken. Acht-en-vijftig nesten, mensen! Achtenvijftig beloftes voor een Betere Wereld! Waar zou de natuur zijn zonder de mens? Dank dank dank voor het redden van de aarde.  Amen.

Karetaredder2 Karetaredder4


By on 21:15
Bejaardendom

Pingelmuziek. Een saaie gang en dan de klapdeuren door. De camera filmt formica tafels en kunststof stoelen op een linoleumvloer. Ook planten, veel planten links en rechts en voor de ramen.

Aan de tafels zitten mummelende vrouwtjes. Hun ingevallen bekkies kauwen alsof hun leven ervan afhangt. Soms valt perongeluk een stukje aardappel uit hun mond terug op het bord. Tegenover de dames zitten de heren, althans, dat moeten ze ooit geweest zijn. Ze dragen wel een pak maar dat stamt nog uit de tijd dat ze weldoorvoed waren en de boord van hun overhemd goed vulden met hun nek. Nu lijken ze op schildpadden die even komen snuffelen aan wat op tafel staat.
De vrouwen hebben allemaal hetzelfde grijze permanentje. De plaatselijke kapper heeft weinig fantasie. Ze dragen ook dezelfde bril en dezelfde bloemenjurk tot ver over de knie, hun schoenen daaronder als stutten voor hun uitpuilende enkels.

Dit zijn ze dan. Hier zit die generatie die verantwoordelijk is voor de groeiende vergrijzing, die de AOW straks onbetaalbaar maakt en pensioenfondsen naar de rand van de afgrond jaagt. Die maar blijft vragen om meer zorg, die daardoor duur en onbereikbaar wordt.

Ze sjoelen op zondagmiddag en klaverjassen op de vrijdag. Maandag bejaardengym en zingen op de woensdag. En als er weer iemand honderd wordt eten ze allemaal gezellig taart. Zo geef je zin aan de weken. Zo kom je de laatste jaren wel door.

Hoe kan het toch dat deze mensen, in verschillende huizen geboren, opgegroeid in verschillende plaatsen, verschillende scholen doorlopen, elk een eigen beroep gekozen en elk met hun eigen levensloop, hoe kan het dat deze mensen allemaal zo enorm op elkaar lijken en op zondagmiddag allemaal hetzelfde doen? Waar is hun identiteit gebleven? Natuurlijk, meneer Bruinsma is beter in sjoelen en mevrouw De Groot kan beter zingen. De zuurpruim en het lachebekje. De mopperkont en moppentapper. De schreeuwerd en de fluisteraar. De kwijlerd en de smakkerd. Als dat het onderscheid nog is, waar heb je al die tijd dan voor geleefd?

Naast je zicht, gehoor en snelheid verlies je ook nog eens je identiteit. Je 'ik' is ook al helemaal versleten. Je hobby's worden sjoelen, klaverjassen en zingen in een koor. Je eet witlof en bloemkool met een sausje en saromapudding na. Je draagt een jurk en permanent en een bril met een touwtje.

De camera zoemt in op een mevrouw. De reporter schreeuwt twee, drie keer in haar oor. Ze wil haar hoofd wel draaien maar dat gaat allang niet meer.
"Bevalt het u hier goed, mevrouw?"
Ze knikt en grijnst. Wat moet ze anders? De mensen van wie ze afhankelijk is staan pal achter haar stoel.
"Ja prima hoor, gezellig! En de zusters zijn zo lief!"
Zo praat je als je oud bent en je plas niet meer kunt ophouden. Zo praat je als professor, huisvrouw of chirurg. Zo praat je als je zondags sjoelt en woensdag zingt en maandag erg je best doet tijdens gym. Zo praat je bij de foto van je nakomelingen op het dressoir, de foto van je zeilschip of je villa die je helaas moest achterlaten. Zo praat je als je je leven lang brood gebakken hebt of meeging met je man naar Soerabaya, Singapore of Beijing, dat toen nog Peking heette. Zo praat je als je je hele leven de was ophing en het volgende dorp het verste was wat je ooit kon bereiken. Welk leven je ook leidde, je praat als een bejaarde. Je bent bejaard en dus voortaan een pixel in een foto, een kleine grijze druppel op een enorme plaat. Geen Facebook en geen Twitter. Bejaardendom is nivellering tot op het broze bot.

februari 9, 2011
By on 01:14
Bejaardendom

Pingelmuziek. Een saaie gang en dan de klapdeuren door. De camera filmt formica tafels en kunststof stoelen op een linoleumvloer. Ook planten, veel planten links en rechts en voor de ramen.

Aan de tafels zitten mummelende vrouwtjes. Hun ingevallen bekkies kauwen alsof hun leven ervan afhangt. Soms valt perongeluk een stukje aardappel uit hun mond terug op het bord. Tegenover de dames zitten de heren, althans, dat moeten ze ooit geweest zijn. Ze dragen wel een pak maar dat stamt nog uit de tijd dat ze weldoorvoed waren en de boord van hun overhemd goed vulden met hun nek. Nu lijken ze op schildpadden die even komen snuffelen aan wat op tafel staat.
De vrouwen hebben allemaal hetzelfde grijze permanentje. De plaatselijke kapper heeft weinig fantasie. Ze dragen ook dezelfde bril en dezelfde bloemenjurk tot ver over de knie, hun schoenen daaronder als stutten voor hun uitpuilende enkels.

Dit zijn ze dan. Hier zit die generatie die verantwoordelijk is voor de groeiende vergrijzing, die de AOW straks onbetaalbaar maakt en pensioenfondsen naar de rand van de afgrond jaagt. Die maar blijft vragen om meer zorg, die daardoor duur en onbereikbaar wordt.

Ze sjoelen op zondagmiddag en klaverjassen op de vrijdag. Maandag bejaardengym en zingen op de woensdag. En als er weer iemand honderd wordt eten ze allemaal gezellig taart. Zo geef je zin aan de weken. Zo kom je de laatste jaren wel door.

Hoe kan het toch dat deze mensen, in verschillende huizen geboren, opgegroeid in verschillende plaatsen, verschillende scholen doorlopen, elk een eigen beroep gekozen en elk met hun eigen levensloop, hoe kan het dat deze mensen allemaal zo enorm op elkaar lijken en op zondagmiddag allemaal hetzelfde doen? Waar is hun identiteit gebleven? Natuurlijk, meneer Bruinsma is beter in sjoelen en mevrouw De Groot kan beter zingen. De zuurpruim en het lachebekje. De mopperkont en moppentapper. De schreeuwerd en de fluisteraar. De kwijlerd en de smakkerd. Als dat het onderscheid nog is, waar heb je al die tijd dan voor geleefd?

Naast je zicht, gehoor en snelheid verlies je ook nog eens je identiteit. Je 'ik' is ook al helemaal versleten. Je hobby's worden sjoelen, klaverjassen en zingen in een koor. Je eet witlof en bloemkool met een sausje en saromapudding na. Je draagt een jurk en permanent en een bril met een touwtje.

De camera zoemt in op een mevrouw. De reporter schreeuwt twee, drie keer in haar oor. Ze wil haar hoofd wel draaien maar dat gaat allang niet meer.
"Bevalt het u hier goed, mevrouw?"
Ze knikt en grijnst. Wat moet ze anders? De mensen van wie ze afhankelijk is staan pal achter haar stoel.
"Ja prima hoor, gezellig! En de zusters zijn zo lief!"
Zo praat je als je oud bent en je plas niet meer kunt ophouden. Zo praat je als professor, huisvrouw of chirurg. Zo praat je als je zondags sjoelt en woensdag zingt en maandag erg je best doet tijdens gym. Zo praat je bij de foto van je nakomelingen op het dressoir, de foto van je zeilschip of je villa die je helaas moest achterlaten. Zo praat je als je je leven lang brood gebakken hebt of meeging met je man naar Soerabaya, Singapore of Beijing, dat toen nog Peking heette. Zo praat je als je je hele leven de was ophing en het volgende dorp het verste was wat je ooit kon bereiken. Welk leven je ook leidde, je praat als een bejaarde. Je bent bejaard en dus voortaan een pixel in een foto, een kleine grijze druppel op een enorme plaat. Geen Facebook en geen Twitter. Bejaardendom is nivellering tot op het broze bot.


By on 00:14
Steun de weigeraars!

Gisterenmiddag en -avond volgde ik het Tweede Kamerdebat over Kunduz. In de loop van de avond werd duidelijk dat GroenLinks toch akkoord zou gaan, op basis van een aantal papieren kletspraatjes en 'persoonlijke garantstellingen' van de premier over afspraken met het corrupte regime in een land in oorlog. Het argument dat dergelijke afspraken geen enkele realiteitszin laten zien, werd keer op keer van tafel geveegd.

De missie gaat dus door. We sturen mensen, materieel en vooral een heleboel ordners vol met papieren afspraken en politieke kletspraatjes. Daar win je geen oorlog mee. Maar misschien wel de vriendschap met de Verenigde Staten of een plekje aan de G20-tafel. Het is maar wat je belangrijk vindt.

In Nederland waren veel mensen tegen de missie. Omdat ze er geen heil meer in zagen of omdat ze helemaal niet geloofden dat er zoiets bestaat als een 'civiele (niet militaire) missie' in een oorlogsgebied. Volgens de peilingen zelfs ongeveer 70% van de bevolking. Zoals we allemaal weten zit er een groot gapend gat tussen de mening van de Nederlandse bevolking en de mening van honderdvijftig afgevaardigden in Den Haag. Dat is niets nieuws. Maar hoe gaan deze 70 % reageren nu de missie doorgaat?

Gisteravond hoorde ik verschillende tegenstanders zeggen: ik ben tegen maar als het doorgaat, steun ik de missie, om onze jongens daar een hart onder de riem te steken.

Dat begrijp ik niet. Wat ik wel begrijp is dat je die 'jongens' niet kunt kwalijknemen dat ze door de regering op een zinloze missie worden gestuurd. Het is niet hun schuld dat ze daar een half miljard aan ineffectieve maatregelen gaan besteden. Zij kunnen het niet helpen dat kamergeleerden en Torentjesbewoners geloven in afspraken met corrupte regimes en handjeklap met oppositiepartijen. Maar dat betekent nog niet dat je de missie moet steunen! Dat betekent nog niet dat je je tegengeluid nu maar in moet slikken! Ik denk dat we in Nederland ook na een stemming van de Tweede Kamer over een kabinetsbesluit kritisch mogen blijven op wat Nederland doet. Of is dat 20e eeuwse onzin? Moeten we in de 21e eeuw zwijgend achter onze regering staan knikken omdat we onze jongens anders 'in de steek laten'?

Militairen worden uitgezonden, die hebben daar zelf niet zoveel over te zeggen. Ze tekenden er zelf voor toen ze in het leger gingen. Hadden ze maar geen soldaat moeten worden, zeg ik dan.

Maar  de civiele opleiders? Mensen die 'de grondwet' gaan uitleggen? Mensen die de Afghaanse kandidaten gaan selecteren? Mensen die Afghanen gaan leren lezen en schrijven? Mensen die Afghanen moeten bijbrengen dat er mensenrechten bestaan, dat er minderhedenbeleid bestaat, dat er respect bestaat voor vrouwen? Mensen die een politieopleiding gaan geven? Hebben die destijds ook getekend voor kritiekloze medewerking aan buitenlandse missies in oorlogsgebieden?

Want zulke mensen moeten dus óók naar het oorlogsgebied. Weg vanachter hun comfortabele kantoor met koffiemachine. Op pad met een koffertje met kleren en drie koffertjes vol ordners met afspraken, brieven, contracten, deals en kletspraat. Dankzij de 'harde voorwaarden van Groen Links'.

Als deze mensen weigeren te gaan, zijn zij dan ook deserteurs?

Ik weet het niet, maar ik zeg: steun de weigeraars. Steun de mensen die op basis van hun eigen gezonde verstand inzien dat het een zinloze exercitie is met gevaar voor eigen leven. Steun de mensen die door hun superieuren mogelijk onder morele druk worden geplaatst om aan deze missie te beginnen. Steun de mensen die met ontslag worden gedreigd omdat ze niet naar Afghanistan willen gaan, die 'de rest van hun carrière wel mogen vergeten' als ze niet gaan. Want leer mij die superieuren kennen. Dat wordt nog een heel onfris verhaal.

Wie niet wil gaan naar een gebied dat al sinds de jaren zeventig in oorlog is, is duizend maal verstandiger dan de roekeloze naïevelingen in het Torentje en de Tweede Kamer met hun papieren tijgers. Wie niet wil gaan heeft het begrepen, en verdient ons respect en onze steun. Ook nu.

januari 28, 2011
By on 14:07
Steun de weigeraars!

Gisterenmiddag en -avond volgde ik het Tweede Kamerdebat over Kunduz. In de loop van de avond werd duidelijk dat GroenLinks toch akkoord zou gaan, op basis van een aantal papieren kletspraatjes en 'persoonlijke garantstellingen' van de premier over afspraken met het corrupte regime in een land in oorlog. Het argument dat dergelijke afspraken geen enkele realiteitszin laten zien, werd keer op keer van tafel geveegd.

De missie gaat dus door. We sturen mensen, materieel en vooral een heleboel ordners vol met papieren afspraken en politieke kletspraatjes. Daar win je geen oorlog mee. Maar misschien wel de vriendschap met de Verenigde Staten of een plekje aan de G20-tafel. Het is maar wat je belangrijk vindt.

In Nederland waren veel mensen tegen de missie. Omdat ze er geen heil meer in zagen of omdat ze helemaal niet geloofden dat er zoiets bestaat als een 'civiele (niet militaire) missie' in een oorlogsgebied. Volgens de peilingen zelfs ongeveer 70% van de bevolking. Zoals we allemaal weten zit er een groot gapend gat tussen de mening van de Nederlandse bevolking en de mening van honderdvijftig afgevaardigden in Den Haag. Dat is niets nieuws. Maar hoe gaan deze 70 % reageren nu de missie doorgaat?

Gisteravond hoorde ik verschillende tegenstanders zeggen: ik ben tegen maar als het doorgaat, steun ik de missie, om onze jongens daar een hart onder de riem te steken.

Dat begrijp ik niet. Wat ik wel begrijp is dat je die 'jongens' niet kunt kwalijknemen dat ze door de regering op een zinloze missie worden gestuurd. Het is niet hun schuld dat ze daar een half miljard aan ineffectieve maatregelen gaan besteden. Zij kunnen het niet helpen dat kamergeleerden en Torentjesbewoners geloven in afspraken met corrupte regimes en handjeklap met oppositiepartijen. Maar dat betekent nog niet dat je de missie moet steunen! Dat betekent nog niet dat je je tegengeluid nu maar in moet slikken! Ik denk dat we in Nederland ook na een stemming van de Tweede Kamer over een kabinetsbesluit kritisch mogen blijven op wat Nederland doet. Of is dat 20e eeuwse onzin? Moeten we in de 21e eeuw zwijgend achter onze regering staan knikken omdat we onze jongens anders 'in de steek laten'?

Militairen worden uitgezonden, die hebben daar zelf niet zoveel over te zeggen. Ze tekenden er zelf voor toen ze in het leger gingen. Hadden ze maar geen soldaat moeten worden, zeg ik dan.

Maar  de civiele opleiders? Mensen die 'de grondwet' gaan uitleggen? Mensen die de Afghaanse kandidaten gaan selecteren? Mensen die Afghanen gaan leren lezen en schrijven? Mensen die Afghanen moeten bijbrengen dat er mensenrechten bestaan, dat er minderhedenbeleid bestaat, dat er respect bestaat voor vrouwen? Mensen die een politieopleiding gaan geven? Hebben die destijds ook getekend voor kritiekloze medewerking aan buitenlandse missies in oorlogsgebieden?

Want zulke mensen moeten dus óók naar het oorlogsgebied. Weg vanachter hun comfortabele kantoor met koffiemachine. Op pad met een koffertje met kleren en drie koffertjes vol ordners met afspraken, brieven, contracten, deals en kletspraat. Dankzij de 'harde voorwaarden van Groen Links'.

Als deze mensen weigeren te gaan, zijn zij dan ook deserteurs?

Ik weet het niet, maar ik zeg: steun de weigeraars. Steun de mensen die op basis van hun eigen gezonde verstand inzien dat het een zinloze exercitie is met gevaar voor eigen leven. Steun de mensen die door hun superieuren mogelijk onder morele druk worden geplaatst om aan deze missie te beginnen. Steun de mensen die met ontslag worden gedreigd omdat ze niet naar Afghanistan willen gaan, die 'de rest van hun carrière wel mogen vergeten' als ze niet gaan. Want leer mij die superieuren kennen. Dat wordt nog een heel onfris verhaal.

Wie niet wil gaan naar een gebied dat al sinds de jaren zeventig in oorlog is, is duizend maal verstandiger dan de roekeloze naïevelingen in het Torentje en de Tweede Kamer met hun papieren tijgers. Wie niet wil gaan heeft het begrepen, en verdient ons respect en onze steun. Ook nu.


By on 13:07
Joke Hermsen en de moderne Grieken

Ik kreeg gisteren een tip dat Studium Generale in Groningen een online archief beschikbaar stelt met diverse MP3's van eerdere lezingen. Ze zijn hier  gratis te downloaden. Ik had destijds de lezing van Joke Hermsen (auteur van Stil de tijd) in november 2010 moeten missen en had nu mooi de gelegenheid alsnog te horen wat ze daarover te vertellen had. Ik had het boek nog altijd niet gelezen en dacht zo een snelle inhaalslag te kunnen doen.

Jokehermsen Onbewust verwachtte ik een enthousiast en vernieuwend betoog rondom een zeker uitgangspunt, een bepaalde nieuwe visie op de tijd. Maar eerlijk gezegd vond ik haar lezing vooral een bijeengeraapt zootje van allerlei denkers uit allerlei eeuwen die allemaal wel iets over het begrip 'tijd' hebben gezegd. In het boek behandelt ze twaalf verschillende denkers, begrijp ik. Een fikse lappendeken, dus.

Tijdens de lezing liet ze zich tussen neus en lippen door afkeurend uit over de Haagse politiek van dit moment, en in het bijzonder de rol van de PVV. Om even later zelf een hele bevolkingsgroep te kakken te zetten. Namelijk de Grieken. Niet de oude Grieken. De moderne.

Hermsen was nogal idolaat van ons aller Frans van Hasselt, de inmiddels hoogbejaarde NRC-medewerker in Athene, die volgens Hermsen in 2007 een stuk over 'griekse tijd' had geschreven. Nou ben ik al een poosje in Griekenland geïnteresseerd, en ik kan je vertellen dat meneer Van Hasselt reeds dertig jaar geleden zijn boekje 'Griekse Tijd' gepubliceerd heeft. Ik weet het nog goed, ik zocht het, maar het was in 1982 al nergens meer te krijgen en heb erg mijn best moeten doen om nog een tweedehands exemplaar te pakken te krijgen. Wellicht is er later nog een herdruk verschenen, dat kan.  In dat boekje vertelt Van Hasselt onder andere dat men in de Griekse taal de toekomst niet voor zich, maar achter zich heeft.

Een Griek zegt bijvoorbeeld: Wij weten niet welke gebeurtenissen er allemaal nog achter ons liggen. Hij staat dus met zijn rug naar de toekomst. Volkomen logisch, als je het mij vraagt. Want van de toekomst zie je nog helemaal niets, terwijl het verleden overal zichtbaar aanwezig is. Ik snap de Grieken wel.

Maar Hermsen verbindt er een rare conclusie aan. De Griek zou dus ook niet geïnteresseerd zijn in de toekomst. Dit in tegenstelling tot de westerse mens die grip wil hebben op wat komen gaat. Tijdens de lezing vertoonde Hermsen een zelfgemaakte film van een kwartier, die gedeeltelijk in Athene was opgenomen. Op een MP3 zie je natuurlijk niets, dus welke beelden mevrouw Hermsen precies gebruikte, kan ik slechts raden. Het moeten wel enorme terrassen vol koffiedrinkende Grieken zijn geweest. Want Hermsen sprak na de film over het Griekse volk alsof iedereen daar elke dag uren op het terras zou zitten niksen. Alsof de Griek, met zijn rug naar de toekomst, zich passief en willoos overgaf aan de ober van het kafeneion.
"Geen wonder dat dat land failliet is. Uren op het terras en maar praten. Maar aan de andere kant, in Amerika werken ze juist heel hard en dat land is ook bijna failliet, dus wat zegt het eigenlijk." Ja, wat zegt dat eigenlijk. Het zegt iets over mevrouw Hermsen, dacht ik zo.

Ik heb zo ruim een uur naar haar zitten luisteren, terwijl ik ondertussen een tekening van een zandloper aan het maken was. Natuurlijk was het best interessant om al die filosofen in vogelvlucht even voorbij te horen komen, vooral die oude Grieken natuurlijk. Maar ik moet zeggen dat ik in dat uur veel meer geleerd heb over tekenen en zandlopers, dan over de tijd.

Zandloper-400

 

januari 14, 2011
By on 18:37
Joke Hermsen en de moderne Grieken

Ik kreeg gisteren een tip dat Studium Generale in Groningen een online archief beschikbaar stelt met diverse MP3's van eerdere lezingen. Ze zijn hier  gratis te downloaden. Ik had destijds de lezing van Joke Hermsen (auteur van Stil de tijd) in november 2010 moeten missen en had nu mooi de gelegenheid alsnog te horen wat ze daarover te vertellen had. Ik had het boek nog altijd niet gelezen en dacht zo een snelle inhaalslag te kunnen doen.

Jokehermsen Onbewust verwachtte ik een enthousiast en vernieuwend betoog rondom een zeker uitgangspunt, een bepaalde nieuwe visie op de tijd. Maar eerlijk gezegd vond ik haar lezing vooral een bijeengeraapt zootje van allerlei denkers uit allerlei eeuwen die allemaal wel iets over het begrip 'tijd' hebben gezegd. In het boek behandelt ze twaalf verschillende denkers, begrijp ik. Een fikse lappendeken, dus.

Tijdens de lezing liet ze zich tussen neus en lippen door afkeurend uit over de Haagse politiek van dit moment, en in het bijzonder de rol van de PVV. Om even later zelf een hele bevolkingsgroep te kakken te zetten. Namelijk de Grieken. Niet de oude Grieken. De moderne.

Hermsen was nogal idolaat van ons aller Frans van Hasselt, de inmiddels hoogbejaarde NRC-medewerker in Athene, die volgens Hermsen in 2007 een stuk over 'griekse tijd' had geschreven. Nou ben ik al een poosje in Griekenland geïnteresseerd, en ik kan je vertellen dat meneer Van Hasselt reeds dertig jaar geleden zijn boekje 'Griekse Tijd' gepubliceerd heeft. Ik weet het nog goed, ik zocht het, maar het was in 1982 al nergens meer te krijgen en heb erg mijn best moeten doen om nog een tweedehands exemplaar te pakken te krijgen. Wellicht is er later nog een herdruk verschenen, dat kan.  In dat boekje vertelt Van Hasselt onder andere dat men in de Griekse taal de toekomst niet voor zich, maar achter zich heeft.

Een Griek zegt bijvoorbeeld: Wij weten niet welke gebeurtenissen er allemaal nog achter ons liggen. Hij staat dus met zijn rug naar de toekomst. Volkomen logisch, als je het mij vraagt. Want van de toekomst zie je nog helemaal niets, terwijl het verleden overal zichtbaar aanwezig is. Ik snap de Grieken wel.

Maar Hermsen verbindt er een rare conclusie aan. De Griek zou dus ook niet geïnteresseerd zijn in de toekomst. Dit in tegenstelling tot de westerse mens die grip wil hebben op wat komen gaat. Tijdens de lezing vertoonde Hermsen een zelfgemaakte film van een kwartier, die gedeeltelijk in Athene was opgenomen. Op een MP3 zie je natuurlijk niets, dus welke beelden mevrouw Hermsen precies gebruikte, kan ik slechts raden. Het moeten wel enorme terrassen vol koffiedrinkende Grieken zijn geweest. Want Hermsen sprak na de film over het Griekse volk alsof iedereen daar elke dag uren op het terras zou zitten niksen. Alsof de Griek, met zijn rug naar de toekomst, zich passief en willoos overgaf aan de ober van het kafeneion.
"Geen wonder dat dat land failliet is. Uren op het terras en maar praten. Maar aan de andere kant, in Amerika werken ze juist heel hard en dat land is ook bijna failliet, dus wat zegt het eigenlijk." Ja, wat zegt dat eigenlijk. Het zegt iets over mevrouw Hermsen, dacht ik zo.

Ik heb zo ruim een uur naar haar zitten luisteren, terwijl ik ondertussen een tekening van een zandloper aan het maken was. Natuurlijk was het best interessant om al die filosofen in vogelvlucht even voorbij te horen komen, vooral die oude Grieken natuurlijk. Maar ik moet zeggen dat ik in dat uur veel meer geleerd heb over tekenen en zandlopers, dan over de tijd.

Zandloper-400

 


By on 17:37
In Groningen is ‘oud’ not-done

Omdat de provincie geen financiële bijdrage wil geven aan de plannen van de stad Groningen om een prestigieus Pompidou-achtig gebouw naast de Martinitoren neer te zetten (Het Groninger Forum) is er een discussie op gang gekomen over de huidige gevels aan de Grote Markt Noord- en Oostzijde.

Die gevels zijn nogal lelijk. Nu is lelijk geen objectieve term, maar als je je oog laat gaan langs het Hooghoudtpand van studentenvereniging Vindicat en naastgelegen Willem Lodewijkpassage met het betonrelief uit de zestiger jaren, krijg je een beetje een idee wat 'lelijk' betekent. Die kant van de Grote Markt werd in het laatste oorlogsjaar platgebombardeerd en helaas vervangen door naoorlogs smakeloos gesteente. Dat spul is onlangs aangekocht door de gemeente en zou plaats moeten maken voor het Forum. Good riddance, zou ik zeggen. Maar nu gaat dat hele Forum waarschijnlijk niet door. Wat doen we dan met die lelijke dingen?

Grotemarkt Noord-oostzijde -na-oorlogs beton

Dit is de huidige gevelrij

De stadspartij heeft wel een idee. Laten we de gevels in hun voor-oorlogse staat herbouwen. Daar klaart de Grote Markt enorm van op en wat er achter die gevels zit kan gewoon blijven.

Hier een 3D-impressie van de Grote Markt in de jaren dertig >>

Ik vind dat dit voorstel zeker het overwegen waard is. Er is immers ervaring mee opgedaan in bijvoorbeeld Brugge, maar ook andere niet-Nederlandse steden en daarover hoor je geen klachten. Een moderne parkeergarage achter een middeleeuwse gevel, bijvoorbeeld. Kan toch?

Maar dan komt een 'deskundige' meneer in het lokale nieuws, die om commentaar gevraagd wordt. Zijn naam is mij ontschoten maar in de by-line stond dat hij directeur van de academie voor bouwkunst is. Tja. Heeft misschien verstand van management maar verstand van gebouwen heeft hij niet. Want wat zegt hij, met een meewarige glimlach om zijn arrogante lippen: "Dat lijkt me raar, dat je aan de voorkant een oude gevel hebt en aan de binnenkant een moderne functie. Dat brengt mensen in verwarring."

Zeker nog nooit buiten Groningen geweest, meneer?

Hoef je als directeur van de bouwacademie tegenwoordig niets meer van gebouwen te snappen? In Groningen blijkbaar niet.

Grote Markt Groningen jaren dertig

 

 

januari 13, 2011
By on 16:27
In Groningen is ‘oud’ not-done

Omdat de provincie geen financiële bijdrage wil geven aan de plannen van de stad Groningen om een prestigieus Pompidou-achtig gebouw naast de Martinitoren neer te zetten (Het Groninger Forum) is er een discussie op gang gekomen over de huidige gevels aan de Grote Markt Noord- en Oostzijde.

Die gevels zijn nogal lelijk. Nu is lelijk geen objectieve term, maar als je je oog laat gaan langs het Hooghoudtpand van studentenvereniging Vindicat en naastgelegen Willem Lodewijkpassage met het betonrelief uit de zestiger jaren, krijg je een beetje een idee wat 'lelijk' betekent. Die kant van de Grote Markt werd in het laatste oorlogsjaar platgebombardeerd en helaas vervangen door naoorlogs smakeloos gesteente. Dat spul is onlangs aangekocht door de gemeente en zou plaats moeten maken voor het Forum. Good riddance, zou ik zeggen. Maar nu gaat dat hele Forum waarschijnlijk niet door. Wat doen we dan met die lelijke dingen?

Grotemarkt Noord-oostzijde -na-oorlogs beton

Dit is de huidige gevelrij

De stadspartij heeft wel een idee. Laten we de gevels in hun voor-oorlogse staat herbouwen. Daar klaart de Grote Markt enorm van op en wat er achter die gevels zit kan gewoon blijven.

Hier een 3D-impressie van de Grote Markt in de jaren dertig >>

Ik vind dat dit voorstel zeker het overwegen waard is. Er is immers ervaring mee opgedaan in bijvoorbeeld Brugge, maar ook andere niet-Nederlandse steden en daarover hoor je geen klachten. Een moderne parkeergarage achter een middeleeuwse gevel, bijvoorbeeld. Kan toch?

Maar dan komt een 'deskundige' meneer in het lokale nieuws, die om commentaar gevraagd wordt. Zijn naam is mij ontschoten maar in de by-line stond dat hij directeur van de academie voor bouwkunst is. Tja. Heeft misschien verstand van management maar verstand van gebouwen heeft hij niet. Want wat zegt hij, met een meewarige glimlach om zijn arrogante lippen: "Dat lijkt me raar, dat je aan de voorkant een oude gevel hebt en aan de binnenkant een moderne functie. Dat brengt mensen in verwarring."

Zeker nog nooit buiten Groningen geweest, meneer?

Hoef je als directeur van de bouwacademie tegenwoordig niets meer van gebouwen te snappen? In Groningen blijkbaar niet.

Grote Markt Groningen jaren dertig

 

 


By on 15:27